Geschiedenis

De plannen om een haven te maken in Het Nieuwe Diep gaan al terug tot het jaar 1650. Ruim honderd jaar later, in 1779, laat stadhouder Willem V de mogelijkheden van de aanleg van een nieuwe haven onderzoeken. Hij ziet in de geul Het Nieuwe Diep een prima alternatief voor de rede van Texel, waar tot dan grote schepen hun goederen overladen voor transport naar Amsterdam.

Het Nieuwe Diep

De Zuiderzeesteden Medemblik, Enkhuizen en Hoorn én het machtige Amsterdam zien dit uit oogpunt van concurrentie in een kwakkelende economie echter niet zitten. Zij trekken samen op om Den Helder als nieuwe havenplaats te weren. Toch valt in 1781 het besluit om Het Nieuwe Diep voor zeeschepen geschikt te maken. De Helderse haven wordt uitgediept tot een moderne getijdehaven. Er wordt gestart met de bouw van een werf, zodat schepen ook onderhouden kunnen worden.

Strategische ligging

Aan het einde van de achttiende eeuw – met de komst van de Fransen in 1795 – komt de ontwikkeling van de haven in een stroomversnelling. De Franse keizer Napoleon Bonaparte onderkent de strategische ligging van Den Helder, waarmee de verdediging en uitbreiding van de haven versneld vorm krijgt. Er verrijst een gordel van forten rond de haven, dat het Gibraltar van het Noorden tot een onneembare vesting moet maken.

Willemsoord

Er wordt een zwaar gefortificeerde marinebasis met werven en dokken aangelegd. Nadat de Fransen in 1814 uit Nederland vertrekken, neemt Koning Willen I de uitvoering van het project ter hand. Het werfcomplex wordt in 1822 aan de Koninklijke Nederlandse Zeemacht (sinds 1905 officieel de Koninklijke Marine) overgedragen. De verspreid door het land gesitueerde marinewerven worden samengevoegd tot één grote rijkswerf: Willemsoord. Den Helder is een marinestad geworden!

Bruisende handelsstad

De ontwikkelingen gaan vervolgens in rap tempo. Het Noordhollands Kanaal is in 1824 gereed. De binnenlandse scheepvaartverbinding versterkt het economisch klimaat van Den Helder, dat verandert van een rustiek vissersdorp in een bruisende handelsstad. De opening van het Noordzeekanaal in 1876 werpt Den Helder tijdelijk terug in de tijd, maar de stad slaagt er al snel in zich te herontwikkelen tot de belangrijkste marinehaven van Nederland en de modernste marinewerf van Europa. Den Helder groeit uit tot de tweede havenstad van Noord-Holland.

Nieuwe marinehaven

Na de Tweede Wereldoorlog wordt ten oosten van het Nieuwediep een nieuw havencomplex voor de Koninklijke Marine aangelegd. De nieuwe marinehaven wordt in 1954 geopend, de bouw is vier jaar later afgerond. De boten van de Onderzeedienst verhuizen van Rotterdam naar Den Helder. De haven huisvest fregatten, onderzeeërs, mijnenjagers, amfibische transportvaartuigen, bevoorraders, slepers en onderzoekings-, landings- en duikondersteuningsvaartuigen.

Prominente offshore haven

Den Helder is tegenwoordig niet alleen een belangrijke defensiehaven, maar ook een prominente offshorehaven. Sinds 1965 – als in de Noordzee een enorme hoeveelheid gas wordt aangeboord – komt de offshore-industrie in hoog tempo tot ontwikkeling. De Koninklijke Marine, het bedrijfsleven en havenbedrijf NV Port of Den Helder werken in deze moderne tijd eendrachtig samen aan een verdere ontwikkeling van de haveneconomie.